Nederlandse ondernemers uit het midden- en kleinbedrijf zoeken heil in Scandinavië

Geschatte leestijd: 3 minuten (Geen tijd? Stuur dit artikel per e-mail)
3 januari 2014

Scandinavië staat in de top vijf van belangrijkste exportbestemmingen van Nederland. Naar schatting zijn er zo’n 560 Nederlandse bedrijven gevestigd in Zweden, Denemarken, Noorwegen en Finland. Mkb-ondernemer Anne Jan Zwart: ‘Zakendoen in Scandinavië is een feestje.’

Het Nederlandse bedrijf Webpower, gespecialiseerd in e-mailmarketing automation, groeit niet alleen in China, maar ook in Zweden. ‘Stockholm is het Silicon Valley van Europa’, zegt directeur Jacco Bouw (41). ‘Er komen veel baanbrekende initiatieven vandaan, zoals Spotify en Qlikview.’

Makkelijk

Het eerste buitenlandse kantoor van Webpower is om die reden in Zweden geopend. Dat was in 2005. Daarna volgden Spanje, Duitsland en China. Zweden blijft een belangrijke markt. In 2013 kwam 18% van de totale omzet uit Zweden (in 2012 was de totale omzet € 7 mln). De Zweedse omzet steeg met 40%. Als het aan Bouw ligt, blijft het daar niet bij. Dit jaar verhuist het team van zestien Zweedse, Noorse en IJslandse medewerkers naar een nieuw kantoor in het centrum van Stockholm. ‘Dat hebben we op de groei gekocht.’

‘De manier van zakendoen komt overeen met die in Nederland’, zegt Bouw. ‘Zweden zijn open, sociaal en direct.’ Bovendien is het gemakkelijk zakendoen in Stockholm. ‘Stockholm is een groot dorp. De meeste bedrijven zitten er. Er worden veel zaken gedaan tijdens de lunch.’ Alleen de hoge kosten zijn een minpunt. ‘Zweden is een heel duur land, dus je moet veel doen om winst te maken. De salarissen zijn waanzinnig hoog, net als de sociale lasten en de marketingkosten.’

Open armen

Anne Jan Zwart (58), directeur van ECOstyle, heeft sinds 1996 een vestiging in Denemarken. Het Friese familiebedrijf is gespecialiseerd in milieuvriendelijke onkruidverdelgers, diervoeding en diergeneesmiddelen. In 2013 nam de Deense omzet met 40% toe. In totaal komt 15% van de omzet van € 45 mln uit Denemarken. Zwart: ‘De groei is er nog lang niet uit.’

Het bedrijf heeft een gemakkelijke start gehad vanwege de vijfhonderd Nederlandse boeren en tuinders die er wonen. Zij zorgen samen met de Denen die een grote (moes)tuin hebben voor voldoende klandizie.

Ook de Deense overheid heeft Zwart met open armen ontvangen. ‘De overheid vindt duurzaamheid belangrijk en heeft ons geholpen onze producten versneld op de markt te krijgen.’ De kosten om de geneesmiddelen en gewasbestrijdingsmiddelen te laten registreren, liggen in Denemarken een stuk lager: maximaal € 1500 tegenover maximaal € 1 mln in Nederland. De hogere loonkosten compenseert Zwart met hogere marges.

Dit jaar krijgt het bedrijf € 400.000 Deense subsidie om onderzoek te doen naar een nieuw bestrijdingsmiddel. ‘Dat is in Nederland absoluut ondenkbaar. Beide landen hanteren dezelfde Europese regels, maar in Nederland wordt dit gezien als staatssteun.’ Zwart kan geen enkel minpunt verzinnen: ‘Zakendoen in Scandinavië is een feestje.’

Volksaard

Wie denkt dat Denemarken de toegangspoort is naar de rest van Scandinavië, komt bedrogen uit, zegt Zwart. ‘De volksaard van de Denen, Noren en Zweden is onderling erg verschillend.’

Om toegang te krijgen tot de Zweedse markt overweegt Zwart te verhuizen van Odense, naar het Öresundgebied tussen Kopenhagen en het Zweedse Malmö. ‘Als je daar zit, vinden Zweden het ook logisch dat je in hun land zakendoet.’ Ook de mogelijkheden in Finland worden onderzocht. Het bedrijf laat Noorwegen voorlopig links liggen. ‘De Noorse markt is te klein om er een heel logistiek systeem op te zetten.’

Het bedrijf Verosol, bekend van de zonwering, is wel in heel Scandinavië actief. Vorig jaar kwam 15% van de omzet van € 30,7 mln uit Noorwegen, Denemarken, Zweden en Finland. Dit jaar investeert het bedrijf extra in personeel en marketing, zodat dit percentage stijgt naar 20%. ‘In Nederland ligt de markt voor zonwering op zijn gat, maar in Noorwegen lopen de orders lekker door’, zegt exportmanager Jan-Henk Dekker (37). ‘Consumenten hebben daar geen last van de crisis.’ Ook in Zweden en Denemarken ziet hij dat de vraag toeneemt. Finland is bezig met een inhaalslag.

Fietsen

Het bedrijf bekijkt per land welke producten geschikt zijn. ‘In Noorwegen is alles Ikea-stijl: alles moet beuken, wit of zwart zijn. Daar houden de Finnen juist weer niet van.’ De verschillen in zakendoen zijn groot. Zo is Dekker tweeënhalf jaar bezig geweest om een afspraak te maken met een potentiële Noorse klant. ‘Noren zijn heel stug en conservatief. Ze nemen niet zo snel een nieuw product in hun assortiment op.’ Terwijl hij in Zweden al snel een hele dag wordt uitgenodigd, kreeg hij in Noorwegen een halfuurtje. ‘Maar’, zegt Dekker, ‘als je eenmaal binnen bent, word je ook helemaal in het bedrijf opgenomen.’.

Ook Jorrit Kreek (46) heeft Scandinavië ontdekt. Zijn bedrijf, Urban Arrow, maakt elektrische bakfietsen voor consumenten en zakelijke klanten, zoals pizzakoeriers. In Finland en Denemarken is de verkoop via een agent en twee dealers al van start gegaan. Noorwegen en Zweden volgen dit jaar. Kreek: ‘In Scandinavië wordt net als in Nederland veel gefietst. De mensen zijn er gewend om geld uit te geven aan een mooie fiets. Daar moet je als nieuwkomer bij zijn.’

Dit artikel werd eerder door het Financieel Dagblad geplaatst.

 

Deel dit artikel

Categorieën

Nieuws